Bijzondere verrichtingen

Er zijn verschillende bijzondere verrichtingen, zoals:

  1. Recht achteruit
  2. Bocht achteruit
  3. File parkeren
  4. Vak parkeren
  5. Keren door middel van 3x steken
  6. Keren door middel van een halve draai
  7. Hellingproef

Je doet er twee. Zorg ervoor dat je de bijzondere verrichtingen op een veilige en logische plaats uitvoert en dat je de auto onder controle hebt. Let ook op dat je goed kijkt en dat je rekening houdt met andere weggebruikers.

Recht achteruit

Hierbij moet je ongeveer 20 meter recht achteruit kunnen rijden, let hierbij wel op dat je regelmatig om je heen moet gaan kijken om niemand in gevaar te brengen.

Omkeeropdracht

Bij de omkeeropdracht krijgt de kandidaat al rijdende te horen dat hij de weg in tegenovergestelde richting moet gaan volgen. De examinator bepaalt welke bijzondere verrichting de kandidaat moet uitvoeren en de kandidaat kiest zelf de plaats waar hij of zij dat uitvoert.  De kandidaat moet laten zien dat hij op basis van een goede inschatting van de verkeerssituatie tot een adequate oplossing komt.

Parkeeropdracht

De examinator kan ook kiezen voor een parkeeropdracht in een straat of op een parkeerterrein. Hierbij krijgt de kandidaat de opdracht om de auto zo dicht mogelijk bij een opgegeven locatie te parkeren. Dit kan bijvoorbeeld de ingang van een winkelcentrum zijn. Ook hier bepaalt de kandidaat zelf hoe hij de parkeeropdracht uitvoert.

Stopopdracht (is vervallen per 1 juni 2019)

Verder was een stopopdracht mogelijk. Daarbij moest de kandidaat zo kort mogelijk achter een ander voertuig stoppen, om aansluitend vooruitrijdend weer aan het verkeer deel te nemen. Dit kan zowel aan de linker- als rechterzijde van de rijbaan. Hierbij is het van belang dat de kandidaat een juiste inschatting heeft van de lengte van de neus van de auto. Als je in een smalle straat rijdt en er komt een grote voertuig aan, dan kan het zijn dat je deze stopopdracht tijdens je praktijkexamen toch moet laten zien zonder dat de examinator er om vraagt. Dus het is altijd beter om dit ook aan te leren.

Van deze opties kiest de examinator er twee. Je moet bij 1 van de 2 oefeningen ook een stukje achteruit rijden laten zien.

Bij de uitvoering van de bijzondere manoeuvres is niet alleen het technische aspect belangrijk. Er wordt vooral ook gelet op de keuzes die daaraan vooraf gaan, zoals de plaats, het moment en de wijze waarop de kandidaat de opdracht uitvoert.