Starten en afsluiten motor

Starten in het kort:

  1. Handrem controleren (moet aangespannen zijn)
  2. Koppeling intrappen en versnellingspook controleren (of het in neutraal staat)
  3. Sleutel in het contact steken, contact maken en lampjes controleren
  4. Starten, rem druk van je voetrem controleren.
  5. Lichten, Ruitenwisser, Airco, etc aan indien nodig
  6. Juiste versnelling schakelen (1e versnelling of R achteruit versnelling)
  7. Handrem eraf
  8. Kijken richting aangeven en wegrijden

Afsluiten in het kort:

  1. Handrem aanspannen
  2. Stroomverbruikers uit: Airco, Ruitenwissers, Lichten, etc.
  3. Sleutel naar je toe draaien om de motor uit te schakelen
  4. Koppelingspedaal rustig los laten
  5. Voetrem voorzichtig los laten en controleren of de auto niet rolt (anders handrem hoger aanspannen)
  6. Gordel los maken
  7. Kijken: Voor, Binnenspiegel, Linkerbuitenspiegel en over je linker schouder of het vrij is en daarna deur open maken. Houdt wel met 1 hand de deur vast, zodat het niet hard open waait met harde wind.
  8. Veilig uitstappen en deur snel dichtdoen